Het is een beetje simpel, maar wel belangrijk om te weten. Daarom presenteren wij de dagen van de week en maanden van het jaar in het Koreaans!

Dagen van de week

  1. ์›Œ์š”์ผ/ Wuyoil = maandag
  2. ํ™”์š”์ผ / Hwayoil = dinsdag
  3. ์ˆ˜์š”์ผ / Suyoil = woensdag
  4. ๋ชฉ์š”์ผ / Mokyoil = donderdag
  5. ๊ธˆ์š”์ผ / Kumnyoil = vrijdag
  6. ํ† ์š”์ผ / Toyoil = zaterdag
  7. ์ผ์š”์ผ / Iryoil = zondag
  • ์˜ค๋Š˜ / onul = vandaag
  • ์–ด์ œ / Oje = gisteren
  • ๋‚ด์ผ / naeil = morgen

Maanden

De maanden in Hangul eindigen altijd met de karakters๋‹ฌ (tal) of ์›” (wol). Over het algemeen zie je de laatste karakter twee, de eerste karakters wordt vooral gebruikt als naamwoord.

  1. ์ผ์›” / Irwol = Januari
  2. ์ด์›” / Iwol = Februari
  3. ์‚ผ์›” / Samwol = Maart
  4. ์‚ฌ์›”/ Sawol = April
  5. ์˜ค์›”/ Owol = Mei
  6. ์œ ์›”/ Yuwol = Juni
  7. ์น ์›”/ Chirwol = Juli
  8. ํŒ”์›” / Palwol = Augustus
  9. ๊ตฌ์›” / Guwol = September
  10. ์‹œ์›” / Siwol = Oktober
  11. ์‹ญ์ผ์›” / Shipilwol = November
  12. ์‹ญ์ด์›” / Shipiwol = December